25 november 2017

Flink wat achterstallig onderhoud in het primair onderwijs

DEN HAAG | NIEUWS | Het volgend kabinet zal flink moeten investeren in de materiele bekostiging in het primair onderwijs. Dan gaat het onder meer om onderhoud schoolgebouwen, energieverbruik, leermiddelen, schoonmaak. Dat schrijft Berenschot in een rapport dat 25 januari naar de Tweede Kamer is gestuurd.

Besturen in het primair onderwijs klagen al jaren dat ze van het Rijk te weinig geld krijgen voor de materiele bekostiging. Zo liggen de kosten voor onderhoud 15 procent hoger dan de vergoeding die ze uit Den Haag krijgen. Noodgedwongen passen ze dat uit eigen portemonnee bij.

Oude schoolgebouwen verbruiken veel energie. In Nederland is een substantieel deel van de gebouwen verouderd. (Archieffoto)

Bureau Berenschot heeft onderzocht of de regelingen voor de bekostiging nog wel voldoen. Het algehele beeld dat uit het rapport opstijgt – gebaseerd op de periode 2010 – 2014 – is dat de bekostiging nogal uit de pas loopt, als je de vergoedingsregels en de kosten in de dagelijkse schoolpraktijk met elkaar vergelijkt. In negatieve zin. Hoeveel geld erbij moet kan Berenschot niet aangeven, daarvoor is nader onderzoek nodig. In 2015 stond op de begroting van OCW een bedrag van 9,5 miljard euro.

De vergoedingen die de besturen krijgen zijn gebaseerd op zogeheten Programma’s van Eisen (PvE). Berenschot heeft vier van die PvE’s onder de loep genomen: onderhoud van de schoolgebouwen, het energieverbruik, de leermiddelen (lesmateriaal en meubilair) en de schoonmaak.

Schoonmaak
Om met de schoonmaak te beginnen: de vergoeding die de scholen daarvoor krijgen is voldoende. Door scherper onderhandelen kan de prijs omlaag en de kwaliteit van de schoonmaak omhoog. Want dat laatste is geen luxe. Berenschot haalt een eerder onderzoek aan van de Rekenkamer, waaruit blijkt dat personeel, leerlingen en ouders – gemiddeld gesproken – vinden dat hun gebouwen vies zijn. Ze gaven in het onderzoek een rapportcijfer 4,4; dik onvoldoende dus.

Gebouwen
Ondanks dat er afgelopen decennia veel nieuwe schoolgebouwen zijn bijgekomen, zijn de gebouwen gemiddeld 40 jaar oud in Nederland. Een substantieel deel is verouderd, aldus Berenschot. Dat betekent dat besturen voor deze gebouwen relatief veel onderhoudslasten kwijt zijn.

Energie
Vanzelfsprekend zijn oude gebouwen ook een flinke kostenpost als het gaat om de energierekening. Maar dat niet alleen. Door de digitalisering van het onderwijs, en complexe installaties (o.a. voor ventilatie) in nieuwe schoolgebouwen, is het energieverbruik toegenomen. Ook hier leggen besturen op toe.

Leermiddelen
Ook hier zijn de bestaande vergoedingen niet meer toereikend, en dat komt door het groeiende gebruik van digitaal lesmateriaal. De afschrijvingstermijnen die voor dit materiaal gebruikt worden, en die gebaseerd zijn op lesboeken e.d., zijn niet meer realistisch, aldus Berenschot.

De aanbeveling in het rapport is om de Programma’s van Eisen op een niveau te brengen dat de huidige kwaliteit van het onderwijs vraagt. En om de vergoedingen navenant aan te passen. Ook moet het systeem van de PvE’s kritisch bekeken worden, omdat het niet goed past in het systeem van de lumpsumfinanciering (budget)

Wat staatssecretaris Dekker (onderwijs, VVD)  van het rapport vindt is nog niet bekend; hij gaat studeren op een antwoord. En anders zijn opvolger wel in het nieuwe kabinet.

Deel dit artikel