28 maart 2017

M’n moeder, m’n oma, m’n tante!’

COLUMN | BEROEP: ONDERWIJS | Afl. 7.24 | Afgelopen donderdag organiseerde het CINOP een congresje (‘lentesessie’ noemden ze het zelf) over: kan het mbo bijdragen aan de dempen van de toenemende ongelijkheid in de Nederlandse samenleving. Ik er naartoe, want dat vind ik interessant – en ik niet alleen, want twee dagen nadat het congres was afgekondigd, was het volgetekend. Dat het niks kostte kan ok geholpen hebben, maar toch: het zegt wel iets over wat ons bezighoudt.

Het werd ook een interessante middag – met een verrassende conclusie, maar dat komt later. Eerst dit: oud-tweede kamerlid (PvdA) Tanja Jadnanansing, die tegenwoordig op het Albeda werkt, was op het lumineuze idee gekomen om een drietal studenten mee te nemen. Ha! Zo ken ik haar weer – ze was ooit bij ons op school op werkbezoek en ontpopte zich daar als een aardige, doortastende en verfrissende volksvertegenwoordiger – heel benaderbaar en wars van gewichtigdoenerij. Enfin, de titel van dit stukje is een citaat van één van die studenten. Hij werd het podium opgetrokken en getuigde daar van een indrukwekkend aantal handicaps: ‘Ik ben dyslectisch, ik heb dyscalculie en ik heb adhd – en toch sta ik hier. En toch maak ik straks mijn opleiding af.’

 Applaus. En ruimte voor een inkoppertje: ‘Dat is natuurlijk te danken aan de goede begeleiding op het ROC?’  

‘Goede begeleiding? Ik dank het vooral aan m’n moeder, m’n oma en m’n tante!’ Luid gelach uit de zaal natuurlijk – en wederom applaus. Maar hij meende het wel.

En dat brengt me bij die verrassende conclusie, of moet ik het aanbeveling noemen? Hij werd getrokken door Ron Bormans (collegevoorzitter Hogeschool Rotterdam), na een vurig en goed gemotiveerd pleidooi voor deskundige, pedagogisch bekwame docenten, in mbo en hbo. (Ja, en in bo en vo natuurlijk, maar daar ging het even niet over.) ‘Ken de mensen die je in de les hebt, ook die Marokkaantjes met hun hanggedrag en luid geëtaleerde onverschilligheid. Je kunt dat afkeuren en dan vallen ze uit, maar in de grond is het een kwestie van pedagogiek en dat is gewoon je opdracht!’

En (nu komt het): ‘Houd de grootschaligheid in ere. Grote instituten, dat hebben we nodig. Bij ons op school (Hogeschool Rotterdam, gs) kom je de hele stad tegen en dat is zeer waardevol.’

 Juist, dacht ik bij mezelf, als je de hele stad in huis hebt, dan heb je dus ook die moeders, die oma’s en die tantes – en dan komt het goed! 

Ps Goed kijken: rechterkolom, onderaan in het tweede vakje van boven staat het ‘grootschaligheid’