6 juni 2020

Sebastiaan! Van Spangas!

Beroep: onderwijs | Aflevering 3.7

COLUMN | Afgelopen vrijdag en zaterdag stond ROC Tilburg op de Onderwijsbeurs in Eindhoven: we deden mee aan het Techniekplein,  met het neuswiel van een Fokker-28, een opengezaagde vliegtuigmotor-met-propeller en een tripod. Een Wat? Een tripod. Oh.

Die tripod is een mooi stukje techniek van onze opleiding mechatronica, maar heeft wel voeten in de aarde. Vrijdagochtend om tien uur opent de beurs en worden we overspoeld door 15- en 16-jarige vmbo’ers uit heel Brabant en Limburg. De twee mechatronica-collega’s die de avond tevoren tot twaalf uur aan de tripod hebben gewerkt en hem nu op de beurs in bedrijf stellen, sleutelen onverdroten verder want hij doet het nog niet en ze zijn een toetsenbord vergeten en het halen daarvan bij Mediamarkt (om de hoek) duurt onverwacht lang want daar staat een rij van heb jou daar in verband met de lancering van de iPhone5.

Om elf uur beweegt de ‘robotarm’. ‘Ja, hij beweegt!’, roep ik verheugd.
Het uiteinde maakt kleine, horizontale cirkels.
‘Oh, ik snap het’, jent collega Walter. ‘Om in je koffie te roeren.’
Maar hij doet het, wij zijn blij en de jongens die er om heen staan ook. Tja, die jongens. Het Techniekplein wemelt ervan. Bij de ballcars: jongens. Bij de motor: jongens. Bij de blikkenpers: jongens. Ha daar loopt een meisje naar de motor toe – om een foto te maken van de jongen die er op zit. Een hele groep meisjes nadert het Techniekplein. De voorste (ik verzin dit niet):
‘He nee, dit is allemaal techniek.’
Die achter haar loopt wijst: ‘Daar verderop is kapper.’ Hoe stereotiep kan het worden?

Sebastiaan uit Spangas is onze spreekstalmeester. Ik weet niet wie dat is maar gelukkig stelt hij zich voor: ‘Dag, ik ben Sebastiaan uit Spangas.’ Het duurt even voor ik snap hoe het zit, maar jawel: hij heeft een microfoon en spreekt meisjes aan en dat werkt!
‘Willen jullie op de motor?’
‘Neeeeeee.’
‘Willen jullie met mij op de foto?’
‘Jaaaaaa.’
Later, tegen een jongen: ‘Vind jij techniek leuk?’
‘Ja.’
‘Waarom?’
‘Kwenie. Gewoon.’
‘Wat vind je er leuk aan dan?’
‘Nou, gewoon.’
‘Ben je al bij vliegtuigtechniek geweest?’ (De schat!)

Onze docent vliegtuigtechniek spreekt ook meisjes aan: ‘Vinden jullie techniek leuk?’ ‘Nee.’ ‘Vinden jullie de beurs leuk?’  ‘Nee.’ ‘Waarom zijn jullie dan hier?’ ‘Moet van school.’
Tegen drie andere meisjes (hij blijft het proberen): ‘Vinden jullie techniek leuk?’
De twee buitenste meisjes wijzen op de middelste en verklaren, alsof het om een bizarre maar verder ongevaarlijke aandoening gaat: ’Zij wel.’
Walter tegen de middelste: ’Lijkt vliegtuigtechniek je iets?’
Middelste: Nee.’
Walter: ‘Weet je dat er in Tilburg een hele leuke school is waar je dat kunt doen?’

Een groepje jongens vraagt me hoe laat het is.
‘Half twaalf. Waarom?’
‘Overeen half uur mogen we de stad in.’

Nou, ik mag gelukkig nu de stad in en als ik de uitgang passeer zie ik daar een groepje collega’s staan om er op toe te zien dat hun leerlingen niet voortijdig het pand verlaten. Beurs is werk, voor exposanten, leerlingen én docenten. En voor Sebastiaan.

Deel dit artikel