21 oktober 2020

Meer aandacht voor kind met sociale taalstoornis’

NIJMEGEN | NIEUWS | In de basisschool is de focus sterk gericht op de technische kant van het taalonderwijs: uitspraak, spellen en ontleden. Maar dat er kinderen zijn die een sociale taalstoornis hebben wordt onvoldoende beseft. Zo’n 7 tot 8 procent van de kinderen van vier en vijf jaar (ongeveer 30.000 kinderen) kampt met dit probleem. Deze kinderen kunnen wel degelijk opgespoord en geholpen worden.

 Dat blijkt uit onderzoek van orthopedagoge Mieke Ketelaars, die op dit onderwerp gepromoveerd is aan de Radboud Universiteit Nijmegen. De sociale functie van taal is het gebruik als een middel om met anderen te communiceren. Een flinke groep kinderen heeft op jonge leeftijd moeite met de ongeschreven regels van het voeren van een gesprek. Dan gaat het bijvoorbeeld om het aanspreken van een ander, het wel of niet geven van informatie, het aankijken van je gesprekspartner, enz.

Dat deze kinderen een ‘gesprekgebrek’  hebben heeft de leerkracht vaak, maar niet altijd, wel in de gaten. Deze leerlingen vertonen ook tien keer vaker dan leeftijdgenootjes gedragsproblemen. Ze zijn druk, hyperactief of impulsief, maar dat ze in feite met een taalprobleem worstelen valt niet op. Er zijn ook geen instrumenten voorhanden om dat te ontdekken. Dr. Ketelaars heeft een methode ontwikkeld, gebaseerd op een vragenlijst, om deze kinderen tijdig op te sporen.

Vragenlijst

Die vragenlijst heeft ze al getoetst tijdens haar promotie-onderzoek. Daaruit kwam naar voren dat een relatief groot aantal kinderen een sociale taalstoornis heeft. Een derde van de leerkrachten die de vragenlijsten op verzoek van Ketelaars invulde gaf achteraf te kennen niet beseft te hebben dat er leerlingen zijn die met dit probleem worstelen.

“Leerkrachten denken misschien dat de taalproblemen te maken hebben met de jonge leeftijd of onwennigheid met school. Kinderen die op vierjarige leeftijd een gespreksstoornis hebben, hebben een grote kans op een latere diagnose voor adhd, autisme of een taalstoornis. Nu we dit weten kan vroege opsporing ook aanleiding zijn om de onderliggende problemen aan te pakken”, aldus dr. Ketelaars in een persverklaring.

[Voorjaar 2010]

• Foto: Omslag boek voor ouders met jonge kinderen, uitgave ThiemeMeulenhoff

Deel dit artikel