23 oktober 2020

Minister Van Bijsterveldt kan zorgen demonstranten niet wegnemen

NIEUWEGEIN | NIEUWS | En opnieuw liep het onderwijs te hoop tegen het kabinetsbeleid. Deze keer leerkrachten, directeuren, oop’ers en ouders in het basis-, voortgezet en speciaal onderwijs. Twee weken geleden liet het hogescholen en universiteiten van zich horen.
 
Dik tienduizend onderwijsmensen uit het hele land waren naar Nieuwegein getrokken om daar op een manifestatie hun boosheid te uiten over de korting van 300 miljoen op passend onderwijs. Dat waren veel meer demonstranten dan waarop sectororganisaties als de PO-Raad, vakbonden, ouderorganisaties en andere groeperingen op gerekend hadden. Het was de grootste demonstratie van onderwijspersoneel in jaren.
 
Enkele duizenden demonstranten moesten noodgedwongen het programma in de openlucht op een groot videoscherm volgen. Dat had nauwelijks invloed op de strijdbaarheid. Toen minister Van Bijsterveldt (Onderwijs, CDA) in de grote hal tijdens haar toespraak voortdurend met gejoel werd onderbroken, schreeuwden de manifestanten buiten even hard mee.  De opmerking van de minister dat ze begrip had voor de zorgen bij de mensen in het onderwijs, lokte vooral hoongelach uit.
 
Zorgkinderen
Haar argumenten dat er 3,4 miljard beschikbaar is voor passend onderwijs en dat het aantal zorgkinderen in ruim tien jaar tijd van 70.000 naar 100.000 is gegroeid maakten geen indruk. Net zo min haar opmerking dat nu al een op de vijf kinderen in het voortgezet onderwijs een zorglabel heeft.

Ook de Kamerleden Kathleen Ferrier (CDA) en Ton Elias (VVD), die manhaftig poogden de bezuinigingsmaatregelen van het kabinet te verdedigen, werden getrakteerd op massaal boegeroep.
 
Voor de vertegenwoordigers van de oppositie was het daarentegen scoren voor open doel. André Rouvoet (ChristenUnie) herinnerde er aan dat hij nog een half jaar minister van Onderwijs is geweest (als vervanger van Plasterk) en dat hij toch echt wel wist wat passend onderwijs is en dat de bezuinigingen zeer slecht zijn.
 
Snoeihard
Snoeihard was cabaretier en oud-leerkracht Joep van Deudekom die in een gesproken column de bestuurlijke kwaliteiten van minister Van Bijsterveldt in twijfel trok, die hij, net als veel demonstranten, consequent aansprak als ‘Het spoorbijsterveldt’. ‘Ze kan beter weer verpleegster worden’, hield hij de zaal voor, verwijzend naar haar oude beroep.
 
De ene na de andere vertegenwoordiger van de belangenorganisaties schetste doemscenario’s als de bezuinigingen doorgaan. Ton Duif van de Algemene Vereniging van Schoolleiders (AVS) had het over een verlies van 5000 tot 6000 banen.
En hij wees er de menigte op dat het bedrag dat er op onderwijs bezuinigd wordt veel hoger ligt dan de 300 miljoen die telkens wordt genoemd.
 
Kwetsbare leerlingen
Liesbeth Verheggen (AOb) noemde het ‘geen goed plan’ waar de meest kwetsbare leerlingen de dupe van worden. En het is een illusie om te denken dat het reguliere onderwijs ontzien wordt. ‘De klassen zullen groter worden, er zijn minder handen in de klas’.
Specialisten zoals ambulant begeleiders komen op straat te staan, jarenlang opgebouwde expertise gaat verloren. De kwaliteit van het onderwijs komt onder druk te staan.
 
Directeur Ad Poppelaars van de Chronisch Zieken en Gehandicaptenraad (CG-raad) heeft wel een idee waar het geld gevonden kan worden om de bezuiniging op passend onderwijs ongedaan te maken. Hij wees erop dat in het kabinetsbeleid 240 miljoen euro is gereserveerd voor het invoeren van prestatiebeloning in het onderwijs. En daar zit volgens Poppelaars niemand op te wachten. 

Enkele duizenden demonstranten moesten vanwege de grote opkomst buiten actie voeren.

Hossen in de buitenlucht, ondanks de boosheid over de bezuinigingen op passend onderwijs

Deel dit artikel