12 november 2019

‘Veiligheidsbeleid scholen te vaak nog een papieren tijger’

DEN HAAG | NIEUWS | Veel scholen hebben wel oog voor de (sociale) veiligheid, maar het beleid is doorgaans slechts een papieren tijger. De verplichte registratie van (gewelds)incidenten moet er toe bijdragen dat het veiligheidsbeleid daadwerkelijk handen en voeten krijgt.
 
Minister Van Bijsterveldt (Onderwijs, CDA) voert dat als een belangrijke reden aan om de verplichte registratie door te zetten, ondanks dat de Raad van State er in een advies over het wetsvoorstel grote vraagtekens bij plaatst. In de memorie van toelichting wordt uitvoerig uiteen gezet dat het instrument van de registratie onmisbaar is om een veilig schoolklimaat op alle scholen in het primair, voortgezet en speciaal onderwijs en het mbo te garanderen.
 

Stok achter de deur
Omdat er nu geen stok achter de deur is, zijn er, zo zet de minister uiteen, nog altijd scholen die zich onvoldoende inspannen. “Op dit moment is de praktijk dat een groot aantal scholen reeds incidenten
registreert. Echter, er zijn nog steeds scholen die niet registreren en geen inzicht hebben in de veiligheidssituatie op school. Een belangrijke reden voor de wettelijke verplichting is om ook de niet-registrerende scholen hun incidenten te laten registreren”, weerspreekt de minister de kritiek van de Raad van State op het wetsvoorstel.
 
Sinds 2004 heeft het rijk jaarlijks 90 miljoen euro geïnvesteerd in het verbeteren van de sociale veiligheid op scholen. Directe aanleiding was de moord op de conrector van het Haagse Terracollege, gepleegd door een leerling. Dat beleid heeft zijn vruchten afgeworpen want uit onderzoek blijkt dat ruim 90 procent van de leerlingen en het personeel zich veilig voelt. Maar er zijn nog altijd veel geweldsincidenten in en om school, schrijft de minister, zoals fysiek geweld, pesten, discriminatie, diefstal, vernieling en bedreiging.
 
Anonieme registratie
De registratie van incidenten gebeurt anoniem, dat wil zeggen dat in het bestand geen namen van daders of slachtoffers worden opgenomen. Er komen dus geen persoonsgegevens aan te pas. De scholen moeten in een computerprogramma het soort incident aanvinken en aangeven of het incident is veroorzaakt door een leerling, ouder, personeelslid of een derde. De gegevens worden niet openbaar; de Onderwijsinspectie kan de gegevens wel inzien.
 
Door te registreren krijgt een bestuur beter inzicht in de veiligheidssituatie op de onder haar gezag vallende scholen. En kunnen in samenspraak met de medezeggenschapsorganen en andere betrokkenen (zoals politie en gemeenten) eventuele maatregelen worden genomen. Het registratiesysteem, benadrukt de minister, staat niet op zichzelf maar is onderdeel van een breder veiligheidsbeleid van de school.
De registratie gaat in op 1 augustus 2012.

► Zie ook het artikel ‘Scholen moeten geweldsincidenten vastleggen’

Deel dit artikel