23 oktober 2020

Fontys topman Wintels: Overheid moet niet op stoel docent gaan zitten

EINDHOVEN | NIEUWS | Het is goed dat de overheid scherper let op de eindkwaliteit van de opleidingen in het hbo, maar dat betekent niet dat ze op de stoel van de professional annex docent moet gaan zitten.
 
Dat was maandag 29 augustus de boodschap van Marcel Wintel, voorzitter van het college van bestuur van Fontys Hogescholen (40.000 studenten, 4000 medewerkers), tijdens de opening van het nieuwe studiejaar. De overheid moet ‘niet het curriculum willen bepalen, de lesvorm voorschrijven, het aantal lesuren bepalen, centrale toetscircuits optuigen, toezicht op toezicht en controle op controle stapelen, bepalen welke percentage van de exploitatie precies in Ict geïnvesteerd mag worden,  rendementspercentages afspreken. Enz. ‘ Om er aan toe te voegen: ‘Daar wordt niemand vrolijk van. En belangrijker: het onderwijs wordt er vooral niet beter door. En de bezieling niet groter.”.
 
Wintels blikte in zijn rede uitvoerig terug op de roerige verwikkelingen in het afgelopen jaar in het hbo, die het aanzien van de sector geen goed hebben gedaan. Er barstte veel kritiek los op de hogescholen en dat leidt er toe dat de sturing vanuit Den Haag weer toeneemt. Een ontwikkeling waar Wintels alles behalve gelukkig mee is omdat in het verleden is gebleken dat centrale sturing geen heil brengt.
 
De voorzitter van Fontys zei dat ook dat de negatieve, soms karikaturale beeldvorming van het hbo geen recht doet aan de werkelijkheid en dat in een jachtige mediacratie de nuances vaak ver te zoeken zijn.
Wintels zou graag zien dat Nederland een voorbeeld neemt aan hoe het Finse onderwijs is georganiseerd. Dat kenmerkt zich o.a. door de inzet van hoogopgeleide docenten (het beroep heeft een hoge status), een grote mate van professionele vrijheid (de onderwijsinspectie is afgeschaft), een veeleisende cultuur ten aanzien van prestaties en discipline van docenten en studenten en een grote betrokkenheid van ouders en studenten. Finland staat met zijn onderwijs internationaal in de top.

De Danscademie, een opleiding van Fontys Hogescholen.

Finland als voorbeeld
“Er is een vertrouwenrelaties tussen onderwijs, gemeenschap/samenleving en politiek. Daardoor krijgt en neemt het onderwijs een grote vrijheid en verantwoordelijkheid”, aldus Wintels, die graag zou zien dat Nederland het Finse adagium van ‘high trust’ zou overnemen. De voorzitter ging ook in op de rol van de HBO-raad die naar zijn mening best bescheidener mag zijn. En als het gaat om je als instelling te verantwoorden wil Fontys met OCW graag een ‘1 op 1’ prestatiecontract aangaan.

 We verwachten van studenten volwaardige werkweken van veertig uur’

Fontys zal de komende jaren blijven inzetten op kwaliteitsverbetering. “Zowel van de onderwijsinhoud, het daaraan verbonden praktijkgerichte onderzoek als ook met betrekking tot de onderwijsprocessen. Instituten, opleidingen en docenten krijgen daarbij veel ruimte voor een eigen  aanpak, vormgeving en eigenheid. Passend bij de eigen subcultuur, de eigen omgeving. De ontwikkelfase. Uiteraard binnen een aantal centrale kaders”, aldus Wintels.
 
Inspirerend onderwijs
Maar daar staat wel tegenover dat de kwaliteit ‘compromisloos hoog’ moet zijn. Studenten mogen rekenen op ‘inspirerend onderwijs’. Maar van studenten mag op hun beurt verwacht worden dat ze zich ten volle inzetten voor hun studie en volwaardige werkweken maken van 40 uur. In beginsel moet het mogelijk zijn dat een student in de nominale studieduur van vier jaar zijn diploma haalt. ‘Een diploma van onomstreden hoog hbo-niveau’.
  
Marcel Wintels

Wintels nam ook de gelegenheid te baat om het beeld te corrigeren dat het hbo onevenredig veel geld besteedt aan bureaucreatie. De overhead in brede zin bedraagt bij Fontys 38 procent van de uitgaven. De voorzitter benadrukte dat het om verantwoorde uitgaven gaat die betrekking hebben op bijvoorbeeld administratie, huisvesting, ict, studiebegeleiding, mediatheken, roostermakers, enz. Wel gaf Wintels toe dat er voor docenten nog ‘onderwijswinst’ te behalen is door kritischer te zijn op zaken die niet met lestijd te maken hebben.
 
Administratiefabriek
Wintels gaf ook uiting aan ‘de ergernis van iedere docent’ over de toenemende administratieve  handelingen die worden vereist door controlerende instanties. Hij noemde als voorbeeld dat het afgelopen jaar er 14 inspectiebezoeken zijn afgelegd bij Fontys.  Om te verzuchten: “Onderwijs wordt teveel een administratiefabriek. De strategische agenda van OCW is op dat punt weinig hoopgevend. Het vakmanoordeel (‘timmermansoog’) wordt verdrongen door centrale toetsprocedures, accreditatieprocessen, centrale examens, enz.’.
 
► Lees hier over de onderwijsprijzen van Fontys
 
 

Deel dit artikel