24 oktober 2020

‘Leraar is de baas, maar leerling ziet dat anders’

Beroep Onderwijs | Aflevering 2.13

COLUMN | Deze kop stond in het Brabants Dagblad van 21 nov. Er stond natuurlijk een artikel onder, maar die kop …ik heb lang voor de klas gestaan (en voor véél klassen, met mijn één-uursvak) maar de baas, ik weet het zo net niet.
Tijdens een gastles aan de lerarenopleiding stelden de studenten mij voor, dat zij zich zouden gedragen als een lastige klas, en ik moest hen dan, als ervaren leraar, tot bedaren brengen. Daar trapte ik natuurlijk niet in, zo ervaren was ik wel. Dat heb ik toen uitgelegd.

Als leraar bouw je een relatie op met een klas. Klinkt soft, is wel zo. Binnen die relatie lukt het dan wel, ordehouden en lesgeven, zo lang beide partijen (ja, jij ook) zich aan de (vaak onuitgesproken) afspraken houden.
Het is mij al die jaren met al die klassen gelukt, met één uitzondering. Ik heb eens een klas metselaars gehad waar ik geen land mee kon bezeilen. Dat ging echt niet en dat was wel gek. Meubelmakers, timmerlieden, monteurs, mode-meisjes, havisten, mavisten – geen probleem. Metselaars – probleem.
Ik droom nog wel eens van die klas.

Hoe kwam dat? Je deelt een cultuur, dat is volgens mij het hele eieren-eten. De relatie met je klas bestaat uit een gedeelde cultuur, de schoolcultuur. Binnen dat gegeven kan er best geklooid worden, gegrapt en gegrold en gelachen en gescholden (nou, met mate) want dat hoort er allemaal bij – maar jij blijft in je rol en je leerlingen ook.
Jij bent volwassen en docent en je laat hen in hun waarde en je leert hen iets en je gedraagt je als vertegenwoordiger van de school. Zij zijn jong en leerling en ze willen wat en ze houden rekening met het feit dat er onderwezen moet worden (meestal). Er is wel bandbreedte in je gedrag, maar je moet niet aan de fundamenten tornen.
 
Het is trekken en duwen – onderhandelen, noemde Abram de Swaan dat ooit. Geen bevelshuishouding meer (dus niet meer: de baas spelen) maar geven en nemen aan beide kanten. Partners in education. Want dat fundament moet er zijn en (denk ik achteraf) bij die metselaars ontbrak dat. Die stonden niet meer achter de school als concept. Die wilden gewoon aan het werk: met maten de steiger op, radio 3 op oorlogssterkte en fluiten naar de meiden.

Noteert u het huiswerk voor deze week:
1.    Een opstel van een half a-viertje over de impact op het imago van het onderwijs en de gezagsverhoudingen op school, als alle docenten voortaan in een pak hun werk doen: jasje-dasje, wit overhemd, stropdas. Vrouwen in jurk, rok of broekpak (die hebben meer bandbreedte in dit opzicht).
2.    Een korte beschrijving van het kabaal dat zou losbarsten als de schoolleiding dit inderdaad zou verordenen. Benoem in elk geval de rol van de OR, de vakbond en de minister, en formuleer enkele tweets die de ronde zouden doen.

P.s.
Ik herinner mij de schok die door de gehele school ging toen, in 1967, onze tekenleraar (Frans de Kok) voor het eerst in een wit spijkerpak op school kwam. Wow. Dat durfden wij zelf niet eens. Op het Cobbenhagencollege in Tilburg was dat, maar dat heette toen nog dependance van het Pauluslyceum.

Deel dit artikel