22 oktober 2019

Vrouwelijke docente kreeg lager salaris dan mannelijke collega’s

AMSTERDAM | NIEUWS | De openbare scholengemeenschap Nehalennia in Middelburg is door de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) op de vingers getikt wegens het maken van het verboden onderscheid op basis van geslacht.

De school kende een vrouwelijke docente een lager salaris toe dan twee mannelijke collega’s die in een vergelijkbare functie hetzelfde werk deden maar in een hogere salarisschaal waren ingedeeld. Volgens de commissie heeft het bestuur deze discriminatie niet kunnen onderbouwen. Bovendien werd de vrouw achtergesteld bij de mogelijkheid om promotie te maken.

Lees hieronder een samenvatting van de uitspraak zoals verspreid door de CGB:

Situatie
Een vrouw gaat bij de scholengemeenschap werken als eerstegraads bevoegde docent Frans. De Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren is het bevoegd gezag van de scholengemeenschap. Zij krijgt eerst een tijdelijk contract en werkt in deeltijd. Haar salaris wordt dan vastgesteld op schaal 8, trede 9. De bijbehorende maximumschaal is dan schaal LB (voorheen schaal 10). Nadat zij een vast contract kreeg, wordt de maximum salarisschaal schaal LD (voorheen schaal 12). De school vraagt de vrouw in 1998 om voltijd te komen werken, maar haar maximum salarisschaal wordt dan wel omgezet naar schaal LB. De vrouw accepteert het aanbod en gaat voltijds werken. De vrouw stelt dat een aantal mannelijke collega-docenten voor hetzelfde werk een hogere beloning ontvangen, namelijk schaal LD. Daarnaast stelt de vrouw dat de school haar en andere vrouwen discrimineert bij de bevordering naar schaal LD. De school betwist dit.

Beoordeling
De Commissie oordeelt dat de Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren jegens de vrouw verboden onderscheid op grond van geslacht heeft gemaakt bij de beloning in vergelijking met twee mannelijke collega’s, en verboden onderscheid op grond van geslacht heeft gemaakt bij de bevordering.

TOELICHTING

Beloning
De Commissie heeft de beloning van de vrouw en de mannelijke collega’s, waaronder de waardering van de functies die zij uitoefenen, onderzocht. De Commissie concludeert dat de vrouw zich voor haar werkzaamheden kan vergelijken met twee mannelijke collega’s. Daarnaast stelt de Commissie vast dat de vrouw lager wordt beloond dan de twee mannelijke collega’s, terwijl hun werkzaamheden op hetzelfde niveau liggen. De school heeft niet kunnen aantonen dat zij op de vrouw en de twee mannelijke collega’s dezelfde deugdelijke beloningsmaatstaven heeft toegepast. Er is daarom geen rechtvaardiging voor het geconstateerde beloningsverschil. De Commissie oordeelt dan ook dat de school verboden onderscheid op grond van geslacht heeft gemaakt bij de beloning.

Bevordering
De Commissie stelt vast dat er slechts één vrouwelijke docent in schaal LD zit en dat in de vaksectie van de vrouw de schaal LD-plek niet is opgevuld. Daarnaast blijkt uit statistische berekeningen dat er een significante samenhang bestaat tussen de bevordering van eerstegraads bevoegde docenten enerzijds en het geslacht van de docent anderzijds. De Commissie oordeelt daarom dat er een vermoeden is van indirect onderscheid. Dit vermoeden wordt door de school niet weerlegd en tevens heeft de school geen rechtvaardiging aangevoerd voor het indirecte onderscheid. De Commissie oordeelt dan ook dat de school verboden (indirect) onderscheid op grond van geslacht heeft gemaakt bij de bevordering.

Deel dit artikel