20 maart 2019

Promovendus: In het onderwijs schiet de individuele leerling er bij in

TILBURG | NIEUWS | Het Nederlandse onderwijsbestel houdt op papier rekening met de belangen van de individuele leerlingen, maar in de praktijk komt daar weinig van terecht. In werkelijkheid draait het in het bestel om de belangen van maatschappelijke partijen.

Dat is de conclusie van drs. Leo Lenssen (1947) die op maandag 21 maart aan de Universiteit van Tilburg promoveert op het proefschrift ‘Hoe sterk is de eenzame fietser?’ waarin hij de toegankelijkheid van het onderwijs onderzocht en de mate waarin het bestel werkelijk tegemoet komt aan de talenten en behoeften van het individu. Lenssen genoot o.a. bekendheid als collegevoorzitter van ROC ASA in Amsterdam.  Hij baarde in 2003 opzien door uitlatingen over de grote, ongebruikte reserves in het onderwijs.

Lenssen legt in het proefschrift aan de hand van literatuuronderzoek en zijn eigen levensgeschiedenis – hij was leerling, student, leraar, leidinggevende en onderwijsbestuurder –  de wortels bloot van het onderwijsstelsel zoals zich dat de afgelopen vijftig jaar heeft ontwikkeld.

In de periode voor de Mammoetwet (voor 1968) was in het onderwijs veel ruimte voor particulier initiatief van onderwijsinstellingen en daarmee ook voor individuen om een eigen onderwijsloopbaan te volgen, constateert hij. De Mammoetwet beoogde vervolgens verbetering van de toegankelijkheid van het onderwijs, maar die werd onvoldoende gerealiseerd.

Als een van de oorzaken wijst Lenssen op de gestandaardiseerde principes van en het toenmalige onderwijsbestel, die minder ruimte lieten aan individuele levenslopen  en die nog steeds van invloed zijn op het onderwijs.  Hetzelfde patroon neemt hij waar bij de invoering van de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) vanaf 1996.

Herbezinning
Het Nederlandse onderwijs houdt wellicht wel pro forma maar zelden de facto rekening met de belangen van de leerling, concludeert Lenssen. Het onderwijs dient vooral de belangen van maatschappelijke partijen. Het beleid is dan ook gericht op de verdeling van middelen over die partijen en staat  in het teken van beheer en beheersing en doelmatigheid.

Het onderwijs is voortdurend inzet van een machtsstrijd om het bezit van de instituties in het publieke domein. Een principiёle herbezinning en herwaardering van de onderwijsdoelstellingen is daarom gewenst, aldus Lenssen.
Het proefschrift laat daarnaast zien dat de individuele (waarde)oriëntaties van mensen en hun ambities van meer invloed zijn op hun onderwijsloopbaan dan het milieu van afkomst.

Leo Lenssen begon zijn onderwijscarrière als onderwijzer in Rotterdam. Hij was als bestuurder nauw betrokken bij de totstandkoming van de Regionale Opleidingen Centra (ROC) en is nu Lector Maatschappelijk Ondernemerschap. Hij was medesamensteller van ‘Van wie is het onderwijs’ (2007), een bundel met bijdragen over de (machts)verhoudingen in het onderwijs. Lenssen was initiator van het Netwerk Nieuw Onderwijs.
Promotoren zijn prof.  dr. Marc Vermeulen en prof. dr. Theo Camps.
[Bron: Persbericht]

Deel dit artikel