11 december 2019

Op techniekcampus in Eindhoven komen alle disciplines bij elkaar

Op de tecniekcampus in Eindhoven werken mbo’ers, hbo’ers en universitair geschoolden samen.

EINDHOVEN | ACHTERGROND | Als het om technologie en maakindustrie gaat is de regio Eindhoven/Helmond the place to be’. Zeker in Nederland, maar ook in Europees perspectief neemt ‘de slimste regio ter wereld’ een vooraanstaande positie in.

Het is dus niet verwonderlijk dat ook het techniekonderwijs in Eindhoven en omstreken barst van de ambities. Dat heeft nu geresulteerd in een heuse primeur in onderwijsland. De oprichting van één campus voor bèta/techniekstudenten uit het mbo, het hbo en het wo.  Een gezamenlijk initiatief van ROC Eindhoven (opleiding Engineering), Fontys Hogescholen en Technische Universiteit Eindhoven (TU/e). De campus zal verrijzen op het Science Park van de TU/e en plaats bieden aan 14.000 studenten, met als doelstelling om door te groeien naar 20.000 studenten.

En dat is hard nodig volgens Jo van Ham, lid van het college van bestuur van de TU/e, want uit allerlei berekeningen  blijkt dat het bedrijfsleven in de regio de komende jaren een grote behoefte heeft aan goed gekwalificeerde techneuten. Als daarin niet voorzien wordt betekent dat een rem op de economische ontwikkeling. De verwachting is dat het inrichten van een moderne techniekcampus als een magneet werkt  op jonge mensen en hen laat kiezen voor een bèta/technische studie. Want er zijn volgens Van Ham genoeg jongeren die affiniteit hebben met techniek, maar ‘helaas’ toch de voorkeur geven aan softe studies als psychologie.

Het gaat niet om stenen

Maar het is beslist niet zo dat de drie instellingen denken dat ze alleen met het bouwen van moderne onderwijsaccommodatie en het slim gebruik maken van elkaars faciliteiten de slag gaan winnen. Sterker nog,  de ‘stenen’ zijn niet het belangrijkste. “We trekken er ook geen extra budget voor uit, we doen het met het geld dat we voor huisvesting beschikbaar hebben. We vinden dat we zo veel mogelijk geld moeten investeren in het onderwijs aan de studenten”, benadrukt Nienke Meijer, lid van de raad van bestuur van Fontys.

In dit verband is Meijer niet zo gelukkig met het kabinetsbeleid. Met de mond wordt beleden dat innovatie een absoluut speerpunt is in het beleid, maar anderzijds worden er maatregelen genomen die studenten ervan kunnen weerhouden om voor een ‘moeilijke’ technische studie te kiezen. Een voorbeeld is de invoering van de forse langstudeerdersboete.

Deur plat lopen

Het is niet de bedoeling dat de drie partners straks op de campus ieder hun eigen ding gaan doen. “Want dan kunnen we net zo goed ieder op onze eigen plek blijven zitten”, aldus Antoine Wintels van ROC Eindhoven. De opleidingen worden geïntegreerd aangeboden, wat wil zeggen dat het kan gebeuren dat een mbo-student samen met een tu/e-student aan een bepaald project werkt. Over en weer zullen studenten en docenten de deur bij elkaar plat moeten lopen.

Dat samen optrekken van mensen van verschillend niveau is namelijk een kenmerk veel moderne arbeidsorganisaties. “Verschillende disciplines werken nauw met elkaar samen, daar moeten we de studenten tijdens hun opleiding al op voorbereiden”, aldus Meijer. Het levende bewijs daarvan is te vinden in het Equipement & Prototyping Center van TNO op het terrein van de TU/e. Daar werken een hbo’er, wo’er en een arts samen aan de ontwikkeling van een medische robot die oogoperaties kan verrichten.

Gemakkelijk swichten

Een voordeel van de techniekcampus moet ook zijn dat studenten gemakkelijker kunnen switchen tussen de verschillende opleidingen. Daarmee wordt voorkomen dat studenten uitvallen. Bijvoorbeeld studenten met een vwo-diploma die beginnen aan een universitaire bètaopleiding en zich na een paar maanden vanwege de fikse portie theorie afvragen of ze in het hbo niet beter op hun plek zitten. Overstappen is dan gemakkelijk want binnen een dezelfde campus.

Bij de techniekcampus is geen rol weggelegd voor het vmbo, en dat vond Pieter Hendrikse, lid van de raad van bestuur van Ons Middelbaar Onderwijs,  een gemiste kans. Maar het is zeker de bedoeling om ook vmbo’ers de mogelijkheid te bieden om ervaring op te doen op de campus. “En we hopen dat meer Eindhovense jongeren voor het vmbo kiezen, want het zijn nu vooral jongeren uit de regio die daar naar toegaan”, aldus Van Ham.

Deel dit artikel