28 maart 2017

Daniëlle Verschuren: Een sterke schoolleider laat twijfels zien

ACHTERGROND | Dr. Daniëlle Verschuren uit Tilburg, werkzaam bij KPC Groep, schreef een proefschrift over wat een schoolleider tot een succesvolle leider maakt. Dan gaat het om lef, het organiseren van tegenspraak, het koesteren van de ‘relschoppers’. Een interview

 

 

 

Tekst: Emmanuel Naaijkens   Foto: Dirk Kreijkamp

 

Mensen die in het onderwijs werken vinden hun motivatie vaak in hun eigen schooltijd. Hoe zit dat bij jou?
“Ik kom uit een beschermend en conservatief maar warm ondernemersgezin. Mijn Citoscores waren uitstekend dus het lag voor de hand dat ik naar het gymnasium zou gaan. Maar ik vond Grieks en Latijn helemaal niks! Ik zat met van die stuudjes in de klas (lacht). Ik mocht naar het atheneum, bleef in de derde zitten en kwam op de havo terecht. Dat was een feest… ik was behoorlijk rebels in die tijd, verzette me tegen mijn vader.”

Heeft die ervaring jouw kijk op onderwijs beïnvloed?
“Ik vond er niet veel aan op school, al zijn er zeker ook leraren geweest die me hebben geïnspireerd en waar ik veel van opgestoken heb. Mijn eigen ervaring is voor mij wel een belangrijke drive om me in mijn werk te richten op schoolleiders. Ik vind dat er meer van onderwijs gemaakt kan worden dan in die tijd gebeurde en nu gebeurt.”

Hoe kwam je op het idee om een proefschrift over succesvol leiderschap te schrijven?
“Ik werk twaalf jaar bij KPC Groep en heb me van meet af aan op het werkterrein van management en organisatie begeven. Mijn hart gaat uit naar scholen die bezig zijn met een herontwerp van hun onderwijs. Die het lef hebben om te zoeken naar mogelijkheden om meer gedifferentieerd te werken, om wat meer het primaat bij de leerlingen te leggen, om te onderzoeken hoe ze kunnen aansluiten bij vragen, behoeften en wensen van leerlingen. Ik heb gezien dat de ene schoolleider in staat is om veel meer in beweging te krijgen dan een ander. Voor mij was de puzzel: wat maakt dat het deze leiders lukt, waardoor zijn zij succesvol?”

Je constateert in je proefschrift dat veel schoolleiders worstelen met de veranderende wereld en de vraag wat dat betekent voor hun onderwijs, hun school. Dat maakt ze onzeker.
“Veel schoolleiders hebben een bepaalde visie, willen een bepaalde richting op maar vragen zich af: Doe ik het wel goed? Houdt dit over vijf jaar ook nog stand? Daar is vaak geen antwoord op te geven, dat maakt die zoektocht tot een worsteling. Zeker als je bedenkt dat ze continu het gevoel hebben te worden afgerekend op allerlei zaken waar ze óók aan moeten voldoen. De inspectie, en soms bestuurders die in je nek hijgen, docenten die – terecht overigens – meer ruimte claimen, ouders die hun eisen hebben, noem maar op. Dat is erg balanceren en voor veel schoolleiders een behoorlijke zware klus. Ze verzetten bergen werk, maken veel uren. En dat wordt lang niet altijd gezien en gewaardeerd door de samenleving. Het raakt mij echt als er minachtend wordt gesproken over ‘die managers’. Scholen zijn tegenwoordig zulke complexe organisaties, die kunnen niet zonder goed management.”

Dr. Daniëlle Verschuren. Foto Dirk Kreijkamp

Zijn schoolleiders wel voldoende toegerust om hun werk uit te oefenen?
“Wat ik wel veel heb gezien is dat veel schoolleiders moeite hebben met delegeren. Ze zijn sterk beheersmatig bezig. Dat heeft er mee te maken dat ze bang zijn om de controle te verliezen. Ze missen de kunst van het loslaten. Succesvolle schoolleiders slagen erin om door te delegeren meer ruimte voor zichzelf te creëren. Ze hoeven zich daardoor minder te laten leiden door de waan van de dag. De betekenis van delegeren gaat overigens verder, je kunt anderen op die manier ook laten excelleren, tot ontwikkeling brengen. Het is dus zoveel meer dan taken afschuiven. Dat vraagt om leiderschap, om nadenken over weloverwogen keuzes, die betrekking hebben op jouw eigen agenda, en jouw eigen speerpunten, maar ook die van jouw collega’s. Als schoolleider aan de top van de organisatie moet je voor tachtig procent bezig zijn met je middelmanagement, en zij op hun beurt voor tachtig procent met hun mentoren en docenten. Nu houden ze zich teveel bezig met organisatorische rompslomp.”

Je moet dan als schoolleider wel stevig in je schoen staan.
“Daar begint het in mijn ogen mee. De schoolleiders waarmee ik in het kader van mijn proefschrift heb gesproken hebben een groot vertrouwen in zichzelf, in de taak die ze moeten volbrengen. Dat betekent niet dat ze nooit onzeker zijn. Sterker nog, ze geven allemaal aan dat ze ook hun twijfels hebben.”

En dat laten ze ook aan hun mensen zien?
“Absoluut. Ze stellen zich kwetsbaar op en daar is lef voor nodig. Die durven te zeggen dat ze op een bepaalde vraag ook geen antwoord hebben, of dat een bepaalde keuze uiteindelijk tot het gewenste resultaat leidt. Maar ze zijn ervan overtuigd dat het de moeite waard is om te proberen.”

Hoe selecteer je een schoolleider, waar moet je op letten?
“In sollicitatiegesprekken ligt de nadruk vaak op het stellen van instrumentele vragen, op het afvinken van competenties en van kennis en ervaring. Natuurlijk, dat moet je ook vaststellen. Maar veel meer zou het moeten gaan over de binnenkant van kandidaten. Hoe sta je als mens in het leven. Zoals: Waar word je blij van, waar maak je je zorgen over. Waar krijg je het Spaans benauwd van en op welke momenten denk je ‘Yes!‘. Wat maakt jou tot een speciale mens met speciale eigenschappen.”

Je schrijft in je proefschrift dat het een eyeopener voor je was dat voor succesvol leiderschap niet nodig is dat alle neuzen dezelfde kant uitwijzen.
“Sterker nog, ik heb schoolleiders gesproken die in staat waren om af en toe de neuzen expres tegenover elkaar te krijgen. Hun redenering is dat je daar uiteindelijk leerervaringen door krijgt. Door debat en dialoog krijg je beweging in je organisatie. Met allemaal jaknikkers ga je echt niet vooruit. Als schoolleider heb je tegenspel nodig, dat moet je organiseren. Je moet mensen durven aan te nemen waarvan je denkt: wow, daar ga ik een zware dobber aan krijgen. Ik heb een schoolleider gesproken die niks anders doet dan de knuppel in het hoenderhok gooien. Die drijft mensen tot het uiterste. Dat maakt ze soms stapelgek maar ze lopen allemaal weg met die rector. Die krijgt echt beweging in de school.”

Dus niet bang zijn voor weerstand?
“Weerstand moet je niet zien als iets dat je moet vermijden, maar als iets dat een bron kan zijn voor verandering, beweging, innovatie. Dat neem je gewoon mee als onderdeel van je proces. Ik zou kiezen voor een aantal relschoppers in school – in de goede zin van het woord – die de zaak wakker houden. Die de grenzen opzoeken en soms ook overschrijden. De mensen met andere ideeën. En hoeveel last er je soms ook van kunt hebben, als je er goed naar kijkt en luistert, kun je ervan leren.”
[Dit interview is in maart 2014 gepubliceerd in VO-magazine]

Naam: dr. Danielle Verschuren (51)
Achtergrond:  Adviseur bij KPC Groep met als expertise leiderschap, management & organisatie, opleiding & scholing
Gespreksonderwerp: Proefschrift ‘Het geheim van de innovatieve schoolleider’

> Het proefschrift ‘Het geheim van de innovatieve schoolleider’ is te downloaden op de site van KPC Groep