18 augustus 2019

De Steve Jobsschool – een ontmoeting met Maurice de Hond

COLUMN | Je kon er op wachten: de komst van de iPadschool. Want telkens als er een nieuwe fase is bereikt in de informatietechnologie zijn er mensen die menen dat het moment is aangebroken om het onderwijs op een radicaal andere leest te schoeien.

Zo waren er in de jaren negentig, zoals in Tilburg, al scholen die volop experimenteerden met Applemac’s en laptops. Dit waren de scholen met het onderwijs van en voor de toekomst. Veel publiciteit maar na verloop van tijd hoorde je er weinig meer over. Zal het zo vergaan met de iPadschool die de naam van Appleoprichter Steve Jobs heeft meegekregen? Toen ik hoorde dat Maurice de Hond een van de initiatiefnemers was, voedde dat bij mij de scepsis. Weer een speeltje om de publiciteit te halen.

Maar laatst raakte ik in gesprek met De Hond, na afloop van een tv-programma over onderwijs.(Het ging om een studieopdracht van studenten van de UvA, maar dit terzijde). En het ging onmiddellijk over zijn iPadschool – nee, we hebben het niet over de peilingen gehad. En ik moet zeggen dat De Hond een goed verhaal had dat verder ging dan de oneliners in de media. De iPadschool is niet zomaar een proefballonnetje of een bevlieging, De Hond maakt zich al dertig jaar sterk voor ict-toepassingen in het onderwijs. Hij was bijvoorbeeld betrokken bij het Comeniusproject, het grootschalige initiatief van de overheid om eind jaren tachtig alle scholen in Nederland te voorzien van computers.

De redenering van De Hond is dat ons onderwijssysteem, dat gebaseerd is op one size fits all  (in jargon: het leerstofjaarklassensysteem), steeds meer uit de pas loopt met wat er elders in de samenleving gebeurt. Want buiten de muren van de school staat de ontwikkeling van het individu centraal, in combinatie met de ontwikkeling van sociale competenties. De kritiek van De Hond c.s. is dat het bestaande onderwijs kinderen niet voorbereid op de maatschappij van de toekomst.

Hoewel De Hond dat zelf zo niet verwoord heeft, lijkt zijn pleidooi erg op dat van de traditionele onderwijsvernieuwers van een eeuw geleden. Ook bij hen lag de nadruk op de ontplooiing van et individuele kind, maar dat was in een systeem met grote klassen toch lastig te realiseren. Met de komst van de computer is onderwijs-op-maat wel binnen handbereik gekomen.

Dat zoeken we op?

In de IPadschool gaat alles heel anders dan op een bestaande school. Kinderen ontwikkelen zich niet aan de hand van een standaardrepertoire, maar volgen een eigen weg die aansluit bij de behoeften van het moment en bij hun individuele talenten. De iPad is het instrument dat de hele wereld, al dan met speciale educatieve programma’s, binnenhaalt. Leerkrachten zijn in deze aanpak coaches/begeleiders en zeker geen ‘lesboeren’ die frontaal lesgeven. Waarom, vroeg De Hond zich in ons gesprek af, zouden we kinderen anno nu op een ouderwetse manier topografische kennis leren, als je met Google die informatie à la minute uit een smartphone, iPad of wta dan ook kunt toveren? Ja, dat klinkt erg naar Het Nieuwe Leren en dat is in het huidige onderwijsklimaat niet direct een aanbeveling.

Heeft de iPadschool kans van slagen? Volgens De Hond is er veel belangstelling vanuit het onderwijs. In augustus volgend jaar zouden in vier of vijf gemeenten de eerste leerlingen (men begint met een onderbouw) aan de slag kunnen gaan. En er zouden zich tientallen bestaande scholen gemeld hebben die ook willen aanhaken bij het initiatief.

Hoe dan ook, er liggen heel wat hindernissen in het verschiet. De grondwet beperkt tot nu toe de mogelijkheden om met overheidssteun nieuwe scholen te stichten op basis van een nieuw onderwijsconcept. Maar zelfs als particuliere school moeten de oprichters rekening houden met kwaliteitseisen en toezicht van de inspectie. En dat zou wel eens heel lastig punt kunnen worden want het idee van een vrij curriculum verdraagt zich niet met het gangbare resultaatgerichte onderwijs. Simpel gezegd: ook aan het eind van de iPadschool zullen de kinderen een Citotoets moeten afleggen.

Eindtermen

Het (niet) kunnen voldoen aan de eindtermen – die immers gebaseerd zijn op het bestaande onderwijssysteem – maakt het zo moeilijk om ingrijpende onderwijsvernieuwingen door te voeren. En niet alleen omdat de inspectie een gele of rode kaart geeft voor de onderwijskwaliteit. Het zijn ook de ouders die in het zicht van de examens bezorgd raken, want hun kinderen moeten dat traditionele diploma toch wel halen. Bij de Nieuwste School in Tilburg en bij Slash21 in de Achterhoek – ook radicale vernieuwers – kunnen ze daarover meepraten.

Ondanks deze kanttekeningen zou de Steve Jobsschool een kans moeten krijgen. Misschien biedt de Experimenteerwet daarvoor een opening. We kunnen er immers met zijn allen alleen maar van leren – en leren, dat is toch des onderwijs.

Deel dit artikel