23 oktober 2019

Operatie Luchtsteun (2)

Beroep: onderwijs | Aflevering 4.40

COLUMN | Op de luchtmachtdagen vorige week keek collega Chris van Dam weemoedig naar de capriolen van de sierlijke F-16’s. ‘Ja, dat kon die van ons voeger ook’, zuchtte hij, en daarmee  doelde hij op de lam gesleutelde F-16 in de hangar van ROC locatie Stappegoor die elk jaar door onze studenten onderhanden wordt genomen.  Geen piloot – excuseer, geen VLIEGER die daar nog in zou gaan zitten.

We stonden op vliegbasis Gilze-Rijen om studenten te werven voor onze luchtvaartopleiding en de combinatie met Veiligheid en Vakmanschap en ik richtte me dus op onze doelgroep: jongetjes van een jaar of 15, 16,  Merkwaardig genoeg raakte ik ook vaak in gesprek met hele oude jongetjes: veteranen uit de vliegtuigtechniek die hun ervaringen wilden delen met wie ze maar konden strikken:
(1)    ‘Ja, ik zat nog op de Antony-Fokkerschool’, opende zo’n oldtimer het gesprek. ‘Toen had je nog niet…’
Want dat bleek de onafwendbare crux in al die gesprekken: vroeger was beter.
(2)    ‘Ik zat in dienst en ik had Slavische talen gestudeerd dus ik mocht assisteren bij  het verhoren van Russische krijgsgevangen, maar ja, die waren er natuurlijk niet dus toen zetten ze me maar bij de luchtmacht en toen…’
(3)    Of, mopperend:
‘Ja, moet je eerst de lts en de mts afschaffen en dan nu roepen dat je technici tekort komt.’ (Dat vond ik wel een goeie.)

F-16’s, leerde ik tijdens de luchtmachtdagen, kunnen niet langzaam vliegen. Als u er één langs ziet komen met zijn staart gezakt, dus alsof ie steigert, dan vliegt hij zo langzaam als kan zonder uit de lucht te vallen – zo’n 200 km per uur toch nog.  En als ie om zijn lengteas rolt met het landingsgestel uitgeklapt, dan heet dat een ‘dirty roll’. Het is maar dat u het weet. Op het eind van de dag kwam ook de grote baas nog even langs. Ik bedoel niet onze ROC-voorzitter Fred van der Westerlaken, maar de CLSK!
Eh? 
De CLSK! Generaal Schnitger! De baas van de luchtmacht! Zijn officiële titel is Commandant LuchtStrijdKrachten, en de hele luchtmacht kent hem dus als CLSK.  Ik ken hem ook, een beetje, sinds hij ons ROC bezocht met een Apache. Indrukwekkende man. Toen hij op mij toestapte sprong ik nét niet in de houding maar gaf hem een hand.
Hij heeft ooit in de F-16’s gevlogen en we vroegen of hij dat niet miste. Dat bleek niet het geval: 

‘Ach, het heeft wel iets om in zo’n toestel te vliegen, zeker. Maar dat is geweest. Ik kan er goed naar kijken, tegenwoordig.’
Ik zei hem dat het mij met lesgeven ook zo verging: “Het heeft wel iets om een tijd te doen maar tegenwoordig kan ik er goed naar kijken.’
Ik zou lesgeven niet meteen met het besturen van een F-16  willen vergelijken, maar hij snapte wat ik bedoelde.
‘Ah, bij ROC Tilburg, dat was wel gezellig toen, met die kleuterklas.’
Ha, hij wist het nog. Inderdaad, toen wij tijdens zijn bezoek met z’n allen om die Apache krioelden  op het grasveld op Stappegoor, kwam er ineens een hele klas kleuters naar buiten rennen op die helikopter af, en die generaal. Een echte generaal! Hij gaf ze allemaal een hand.

PS: Wat hebt u geleerd als u mijn twee stukjes over Operatie Luchtsteun goed hebt gelezen?
Dat u ‘vlieger’ moet zeggen en niet ‘piloot’. Dat een heli geen wieken heeft maar rotorbladen. Dat de luchtmacht ‘Acta est fabula’ schildert op toestellen die niet meer worden gebruikt. Dat de baas van de luchtmacht een indrukwekkende maar aardige man is en aangeduid wordt met CLSK. En wat een ‘dirty roll’ is.
Als u dat allemaal onthoudt, kunt u voortaan rustig meepraten in luchtmachtkringen.

Deel dit artikel