9 december 2019

Ambitie OMO onder druk, meer opleidingen onder verscherpt toezicht

TILBURG | NIEUWS | In het verslagjaar 2013 kregen 19 opleidingen op scholen van Ons Middelbaar Onderwijs (OMO) een aangepast arrangement opgelegd. Dat houdt in dat ze onder verscherpt toezicht van de Onderwijsinspectie staan omdat de kwaliteit van het onderwijs niet aan de minimumnormen voldoet. Het vorig verslagjaar was er sprake van 11 aangepaste arrangementen.

Weliswaar is het aantal van 19 opleidingen (verdeeld over vmbo, havo en vwo) een klein percentage van de in totaal 183 opleidingen die door de inspectie zijn beoordeeld, maar de raad van bestuur van OMO noemt deze uitkomst in het jaarverslag 2012 ‘verontrustend’. De ambitie van OMO is namelijk om in kwalitatief opzicht juist beter te presteren. Als een school aan de normen van de inspectie voldoet dan wordt een zogeheten basisarrangement toegekend. Het streven van OMO is dat de aangesloten scholen een hoger niveau realiseren.

Voor het bestuur zijn de cijfers aanleiding om ‘nadrukkelijk stil te staan bij de manier waarop wij de onderwijskwaliteit verder kunnen bestendigen en verbeteren’. Scholen met een ondermaatse opleiding moeten onmiddellijk een verbetertraject starten om er voor te zorgen dat alle onderwijsindicatoren weer voldoende scoren. Overigens liggen de examencijfers van de OMO-scholen boven het landelijk gemiddelde, met uitzondering van het vwo. Het verbeteren van de onderwijskwaliteit krijgt ‘onverminderd de prioriteit’. De raad van bestuur merkt op dat in de organisatie het besef van urgentie is gegroeid. Een belangrijk speerpunt is de aandacht voor verdere professionalisering van de docenten, ‘die vormen immers de kern van elke onderwijsorganisatie’. Ook daar ligt een punt van zorg omdat, zo wijst onderzoek uit, de leervitaliteit onder docenten laag is.

Financiën
In financieel opzicht ging het OMO goed in het verslagjaar, met name door eenmalige baten. De financiele positie van de organisatie is duurzaam houdbaar. Toch zijn er ook risico’s door bezuininingen op de overheidsuitgaven en door veranderende omstandigheden. Het aantal leerlingen loopt de komende jaren gestaag terug. De raad van bestuur voorziet daarom een verdere daling van het aantal docenten. Het effect zal zijn dat het aantal leerlingen per docent zal toenemen; klassen worden waarschijnlijk groter. Ondanks dat OMO-breed het huishoudboekje op orde is, verkeren zes individuele scholen in financieel zwaar weer. De raad van bestuur merkt op dat ze verheugd is te constateren dat de kwaliteit van het onderwijs niet lijdt onder de financiële perikelen.

In het verslagjaar ging 94,8% van de lumpsum direct naar de scholen toe. Naar verwachting stijgt dit percentage in 2013 naar 96%. OMO doet het in dat opzicht beter dan andere grote schoolbesturen. In 2012 is de vereniging OMO nagegaan of zich een ‘Amarantis debacle’ voor zou kunnen doen. De conclusie is dat de kans daarop is gering, omdat de checks and balances  in orde zijn. ‘Via de ledenraad heeft de samenleving een plek gekregen in de formele besluitvorming en is binnen de vereniging een eigen oppositie gecreëerd’.

Enkele kerncijfers:
–    Aantal leerlingen in 2012 was 62.339 (61.924 jaar daarvoor).
–    Aantal personeelsleden in 2012 was 6868 (5636 in fte); bijna de helft van het personeel is 51 jaar of ouder.
–    Het gerealiseerde exploitatieresultaat was met 11,6 miljoen euro ruim boven de begroting. De begroting van OMO is bijna een half miljard euro.

> Het volledige jaarverslag is hier te lezen

Deel dit artikel